André Platteel
ESSAY
Altijd in wording
Foto van de dichter Rilke

‘De maan is ook een zon’, dat was de tekst die op het eerste T-shirt stond dat ik kocht van S., een man die later een vriend van me werd. De letters in het meest simpele font op een standaard shirt, in de binnenkant van de hals de intrigerende naam van het mode-label: ‘Wees Meester en Vormgever van Jezelf’. Ik was in die periode net van Leiden naar Amsterdam verhuisd, liet daar zo’n beetje alles achter wat ik had opgebouwd: vriendin, vrienden, werk. Ik wilde weer opnieuw beginnen. Met alleen een koffer die als handbagage door zou kunnen gaan vertrok ik naar Amsterdam. Om nieuwe vrienden te maken verzon ik een project: een boek waarvoor ik mensen zou moeten interviewen: ontwerpers, schrijvers, kunstenaars. Ik wilde proeven van de avant-garde, weg van wat ik toen burgerlijk vond.

Eén van de mensen die ik interviewde was S., die naast modeontwerper, ook filosoof was, en ook nog eens goed kon koken. Later ben ik wel eens mensen tegenkomen die van veel een beetje deden, maar zo was het bij S. niet. Hij had een opleiding als kok en viel af en toe in bij goede restaurants waar hij de sterren van de hemel kookte. In zijn vrije tijd studeerde hij filosofie en schreef doorvlochten maar leesbare essays. In het weekend maakte hij kleding, enkele stuks maar, zelf achter de naaimachine voor vesten en truien. Wat hij deed, deed hij volledig. Hij zag zichzelf als een beeldhouwer, hakkend op een steen waaruit hij zichzelf wilde bevrijden. In erkenning van buitenaf leek hij niet erg geïnteresseerd. Onderaan de menukaart van het restaurant dat hij later opende, stond dat hij geen prijs stelde op recensies. Hoe hoefde geen erkenning van de media om energie te hebben voor de dingen die hij zo kundig deed. Zijn klanten, of het nou eters, mode-liefhebbers of lezers waren, gaven hem voldoende.
Ik was na mijn vertrek uit Leiden een behoorlijk deel van mijn leven bezig geweest met anderen, had eigenlijk geen idee meer wie ik zelf was of wat ik wilde. De autonomie die van S. uitging vond ik fantastisch, en aanstekelijk. Naar zo’n vorm van autonomie was ik op zoek. Creëren vanuit jezelf, en dan die creatie met anderen delen. Daarvoor was ik naar Amsterdam gekomen. Ik dook gretig in het thema Wees Meester en Vormgever van Jezelf dat afkomstig blek te zijn van de filosoof Nietzsche.

Autonomie betekent niet op jezelf, maar juist verbonden zijn met alles en iedereen, niet langer door angst of hoop geleid.

Om autonoom te worden zou je volgens de filosoof boven jezelf moeten uitstijgen. Dat proces loopt via drie stadia. In onze samenleving heersen allerlei regels en overtuigingen, en we krijgen er van onze ouders nog eens een fijn setje aan toegevoegd. We zijn als een kameel, worden zwaar beladen waarmee we volgens Nietzsche als een slaaf aan banden worden gelegd. Onderzoek die thema’s, spoort hij aan. Als je dat doet ontkom je er volgens hem niet aan dat je je terug moet trekken, dat je als een woestijnleeuw zal moeten vechten om je eigen autonomie te (her)ontdekken. Want de sociale druk om je weer in het gareel te krijgen is groot. En je zal ook moeten vechten tegen je eigen angst: voor eenzaamheid en om uit de groep te worden gezet waar je eerder onderdeel van was. Als je die fasen eenmaal doorlopen hebt, ben je ontvankelijk als een kind: de rigide overtuigingen hebben plaatsgemaakt voor openheid naar de wereld en dus verwondering en creatieve kracht.

Autonomie had voor Nietzsche een spirituele dimensie. Het ging hem erom dat niet langer overheerst wordt door gevoelens van angst en hoop. Dat je verankerd bent in het hier en nu en daardoor verbonden met het leven zelf. Je wordt uit één stuk: je denken, doen en handelen raken op elkaar afgestemd. Dat noemde Nietzsche autonoom. Dat is een hele andere invulling dan die we nu veelal aan het begrip autonomie geven, vervormd tot egoïsme of narcisme, vanuit de gedachte dat je los staat van anderen en die kunt overheersen.

Door sociale media anticiperen we direct al op succes door de pose en de bijhorende life-style na te bootsen. De sensatie van die pose zijn we gaan verwarren met succes.

Levenskunstenaar

Nietzsche zag filosofie als een levenskunst. Net als mijn vriend S. Spelen, experimenteren. Om jezelf te kunnen transformeren. Maar nemen we nog wel de tijd om te spelen en te experimenteren? Toen ik voor hetzelfde boek als waarvoor ik S. interviewde op pad ging, kwam ik in Japan in contact met een kunstenaar. Hij was al in de zeventig en vijftig jaar daarvan aan het schilderen, elke dag. Net pas had hij zijn eerste interview in een toonaangevend magazine gehad. ‘Ik ben zo dankbaar dat ze me met rust hebben gelaten,’ zei hij. ‘Ik heb tijd gehad om dingen uit te pluizen. Kon mezelf steeds opnieuw uitvinden. Het kan een vloek zijn als mensen jong succes hebben. Het gevaar is dat je blijft steken in je eerste probeersels, dat je jezelf niet meer kunt ontwikkelen, bang om het momentum van je succes te verliezen.’

Er was toen niet zoals nu Facebook en Instagram. We zijn nu niet meer afhankelijk van media als kranten of tijdschriften, we zijn zelf medium geworden. We anticiperen vanaf het begin al op succes door de pose en de bijhorende life-style op sociale media na te bootsen. De sensatie van die pose zijn we gaan verwarren met succes. We hebben vaak nog helemaal niets afgerond of uitgedacht, we zijn eigenlijk nog niet eens goed begonnen. In het najagen van succes worden we afhankelijk van de grillen van de ander. We vergelijken onszelf voortdurend. Wat we over onszelf denken en dus wat we voelen en doen, wordt op zo’n manier afhankelijk van de goedkeuring van de ander. We creëren niet veel, we simuleren des te meer.

Toen ik op reis ging om voor mijn boek interviews af te nemen, kreeg ik een cadeautje van mijn vriend S.: Brieven aan een jonge dichter, van Rilke. Het boekje is dun en prachtig. Ik heb het nog steeds en sla het regelmatig nog eens open. Op een van de eerste pagina’s schrijft de dichter Rilke aan de jonge man die ook dichter wil worden en hem om advies vraagt: “U vraagt of u verzen goed zijn. U vraagt dat aan mij. U hebt dat eerder aan anderen gevraagd. U hebt ze opgestuurd naar tijdschriften. U vergelijkt ze met andere gedichten en u maakt zich ongerust als bepaalde redacties u dichtpogingen afwijzen. Ik verzoek u bij deze daar helemaal van af te zien. U richt uw blik op de buitenwereld, en dat zou u vooral niet moeten doen. Niemand kan u raad geven en helpen, niemand. Er is maar één enkel middel. Voel uzelf aan de tand.”

Jezelf aan de tand voelen. Jezelf uithakken uit steen. Van kameel, leeuw tot kind worden. Met als doel te worden wie jezelf bent. Maar wie ben ik dan? Als je je angsten en onderdrukte verlangens onderzocht hebt, ontdek je dat wie je bent niet vaststaat. Dat 'ik' een wordende kracht is. Wie je bent staat dus niet vast, maar kun je iedere keer opnieuw vormgeven. Wees Meester en Vormgever van Jezelf is dus niet een aansporing om iets of iemand te zijn maar om voortdurend en in afstemming met je omgeving, te worden.

NIEUWSBRIEF
MEER INSPIRATIE