André Platteel
ESSAY
We zijn een eco-schakeltje
Foto: James Tensuan van filosofe Donna Haraway

Nog maar een paar maanden terug was ik op bezoek ben bij een vriend die in Florence woont, de stad die ooit geboorte gaf aan een nieuwe samenleving; de Renaissance met kunst en wetenschap als middelpunt. Ik verblijf in een paleis dat mijn vriend als ruïne heeft geërfd en dat hij de afgelopen jaren heeft omgebouwd tot artist-in-residence. Het paleis werd ooit aangekocht door een verre oom die operazanger wilde worden maar met tomaten bekogeld werd omdat zijn stem niet om aan te horen was. De gekwetste ziel trok zich terug en nam wraak met ondernemerschap; van kruiden maakte hij een elixer dat elk huis-tuin-en-keuken-kwaaltje hielp te voorkomen. Hij werd schathemeltje rijk, kocht het paleis en begon weer te zingen. Vrienden die van zijn rijkdom wilden profiteren klapten hun handen stuk bij elke valse noot. Na zijn dood raakte het paleis in verval en werd het in de familie als schaamte-ballast overdragen, totdat het bij mijn vriend terecht kwam die het onder handen nam en oppoetste.

Op de binnenplaats van het paleis staat een uit steen uitgehakte figuur met open mond waaruit een bevroren klank lijkt te klinken. Behalve die versteende man is er verder niemand. Geen enkele kunstenaar of schrijver heeft zich laten verleiden om tijdens de Covid-plaag hier werk te komen maken. Niet alleen binnen is het leeg, ook buiten. Bij eerdere bezoeken aan Florence werd ik knettergek van groepen toeristen en moest ik nauwkeurig de tijdstippen bepalen wanneer ik de deur uit zou gaan, zodat ik niet fijn geperst zou worden tussen dolende massa’s aangevoerd door stem versterkte gidsen die als in een free jazz exercitie Babylonische geluiden voortbrachten. Nu zijn winkels zijn gesloten of houden faillissementsuitverkoop. Bij de restaurants hebben de proppers hun stem verloren. De in de etalage uitgestalde Florentijnse steaks lijken met de dolende vliegen eromheen wel op een kunstwerk van Damien Hirst. Gidsen leunen verveeld tegen de muren van het Uffizi.

De gids die me aansprak en voor een prikkie zijn kennis wil delen, loodst me razendsnel langs de covid-controle en door de lange gangen naar verscholen zalen die volgens hem de moeite waard zijn. Ik krijg via kunstgeschiedenis les in de politiek van die tijd: hoe kunstenaars zich van het Middeleeuwse religieuze juk probeerden te ontdoen en de mens centraal gingen stellen. Volgens mijn gids moet ik de Renaissance zien als een ‘tussenperiode’, waarin de focus verschuift van God naar mens. Het humanisme komt op, met Leonardo da Vinci’s ‘De mens van Vitruvius’ – de man in de cirkel - als symbool daarvan. Da Vinci maakte zijn werk rond 1500 gemaakt. Vijf eeuwen lang heeft de mens zich in het centrum van de wereld geplaatst.

We zijn slechts een schakeltje in een veel groter eco-systeem.

Volgens eco-filosofen als Donna Haraway zijn de huidige sociale, ecologische en economische problemen veroorzaakt omdat de mens zich al die tijd in het centrum heeft geplaatst, dacht het alleenrecht te hebben op waarheid en daarmee anderen te kunnen domineren en uitbuiten. De laatste paar honderd jaar is dat proces met behulp van technologie verhevigd. Dat tijdperk wordt ook wel het antropoceen genoemd. Haraway noemt het zelfs het Capitaloceen - een verwijzing dat het kapitalistische systeem destructief is geweest voor het grotere geheel waar we onderdeel van zijn. Aan dat tijdperk komt nu een einde.

Natuurlijk hebben technologie en kapitalisme ook positieve effecten gehad. Het heeft geleid tot groeiende sociale en economische mogelijkheden. Maar in hoeverre dragen technologie en het kapitalisme nu bij aan zelfzorg, de zorg voor anderen en de aarde? Het lijkt alsof het kapitalisme met steeds versnellende technologieën verwoorden is tot een hypermodel dat honger heeft naar oneindige groei. Het is onmogelijk op diezelfde voet door te gaan, alhoewel alle processen en structuren, ook sociale en mentale, volledig door dat het kapitalisme zijn beïnvloed. En daar zitten we dan: met een systeem dat niet meer werkt.

Donna Haraway schreef half jaren tachtig the Cyborg Manifesto. Ik interviewde een decennia later voor een boek dat ik over beeld-taal maken, ontwerpers, filosofen en sociologen. De Cyborg Manifesto was voor iedereen nog steeds het handboek. Haraway kreeg later kritiek, ze zou de negatieve consequenties van technologie op ons gedrag en op de aarde niet goed hebben ingeschat. Maar the Cyborg Manifesto hield geen pleidooi voor technologie, het liet simpelweg zien dat de strikte grenzen tussen technologie, mens en ook dier, zou gaan verdwijnen. Haraway beschrijft dat we als mens altijd gerelateerd zijn aan anderen. Die 'anderen' zijn niet alleen mensen. We zijn ook verbonden met dieren (denk ook hoe het Corona virus is overgesprongen van dier naar mens), planten, het klimaat, en dus ook met techniek.

We zijn onderdeel van een groter ecologisch systeem, zijn daarin slechts een schakeltje. En vanuit ecologisch perspectief, waarschijnlijk niet eens het belangrijkste schakeltje. We leren dat alles wat we doen invloed heeft op dat eco-systeem en daardoor terugkeert bij onszelf. Als we de bescheidenheid en de verwondering die daaruit voortkomt kunnen gaan doorleven, dat ontstaat er een vanzelfsprekende duurzaamheid, een innerlijke duurzaamheid.

We mogen onze rug niet keren van de problemen die ons aanstaren.

Daar horen andere gevoeligheden bij. Het draait niet langer om domineren maar om samenwerken. Een krachtig individu is niet langer iemand die alles weet, maar iemand die geïnteresseerd is, open staat voor andere opvattingen dan die hij zelf aanhangt, zich kan inleven in de positie van anderen, de moed heeft te reflecteren, vooral ook op de grond waar vanuit hij zelf denkt en voelt. Onlangs schreef Haraway een nieuw boek met de uitdagende titel: Staying with the trouble. Ze is geen doem-denker maar voorziet wel dat we in een stevige transitie zitten, een transitie die ongemakkelijk zal zijn. Maar we mogen onze rug niet keren van de problemen die ons aanstaren. In dat laatste boek laat ze zich inspireren door allerlei culturen en hoe die met stevige transities omgaan. Haraway vult het lijstje met noodzakelijke gevoeligheden aan: om kunnen gaan met diversiteit en niet-weten, en de kracht om te fabuleren wat zoveel betekent als je een voorstelling kunnen maken van hoe het ook anders kan. En het allerbelangrijkste: versmelten met andere levensvormen en met elkaar iets nieuws worden.

Het zijn thema's die de afgelopen 12 jaar in Your Lab het vertrekpunt zijn geweest om een andere omgang met elkaar te kunnen bewerkstelligen.

Eenmaal buiten zijn de muren van de Uffizi door de zon wit gekleurd. De mannen die er net nog tegenaan leunden zijn verdwenen. Het is eind september 2020, de herfst is net begonnen, ook al zou je het niet zeggen. De temperatuur is verder opgelopen. Bijna 36 graden. Ook in Amsterdam wordt een hitterecord verbroken met 34 graden in september. Als het dagen na mijn bezoek aan het legendarische museum verder op warmt kom ik haast mijn kamer niet meer uit. De leegte, de hitte; Florence is al veranderd in een woestijn. Mijn vriend komt langs om tomaten te brengen die in zijn vaders tuin groeien. Ik begin te zingen. Voor de grap gooit hij een tomaat mijn kant op. Ik draai net op tijd mijn hoofd weg.

NIEUWSBRIEF
MEER INSPIRATIE