De afgelopen vijftien jaar heeft Kees Klomp zich intensief bezig gehouden met duurzaam ondernemen. In de VPRO documentaire 'Het rendement van geluk' vertelde hij dat duurzaamheid een stuk verder gaat dan circulair of sociaal. Volgens Klomp staan we aan de vooravond van een macro-economische verandering. In zijn boek 'Betekenisvol ondernemen' zet hij uiteen hoe we die omslag kunnen maken. Klomp adviseert bedrijven en CEO's over de finesses van wezenlijk duurzaam ondernemen, interviewt ondernemers die daar een vernieuwende blik op hebben, en recentelijk is hij bij Erasmus Universiteit Rotterdam aan de slag gegaan om een kenniscentrum vorm te geven omtrent betekenisvol ondernemen. Zijn gedrevenheid en kennis willen wij graag inzetten voor Your Lab. Kees Klomp is dan ook toegetreden tot de Raad van Advies van Your Lab.

KEES_0001

Van een hoger doel naar een hoger doen.

Door: Robin van den Maagdenberg/ Foto’s: Anouk Groeneweg

 

‘Mijn opa was als havenarbeider en communist heel erg betrokken bij de maatschappij. Hij was voor mij de belichaming van compassie. Wij hadden een klik met elkaar die ik nooit meer met iemand anders heb gehad. Hij introduceerde mij al heel vroeg in de politiek. In mijn beleving gingen aan het eind van de jaren ‘70 voor het eerst mensen dood op televisie, je zag Afrikaanse kindjes voor de camera sterven. We zaten op een avond thuis te eten, de televisie stond aan en ik keek ernaar. Fysiek blokkeerde ik, geen hap ging er meer door mijn keel. ‘Kees, eet je bord leeg’, zeiden mijn ouders. ‘Jij woont hier en die kinderen daar. Het is verschrikkelijk maar jij gaat er niets aan veranderen door niet te eten.’ De dag erna ging ik naar mijn opa toe, hij zei iets anders: ‘Voel het maar dat je niet kan eten, doorleef het maar. Zolang we denken dat het niet over ons gaat, verandert er niets.’

 

Je bekommeren om het lot van anderen, hij wees me toen al op het belang daarvan. We leven nu in een systeem waarin je verbonden voelen geen prioriteit is. Dat begon bij mij al heel vroeg te wringen. Ik ging als puber het anarchistische pad op en zocht mijn heil in weerstand en verzet. Ik was vreselijk negatief, al zag ik dat zelf toen niet zo. Mijn intenties waren positief, maar ik verzuurde omdat ik er geen uiting aan kon geven.

 

Op mijn twintigste kwam ik in een heftige depressie terecht. Tijdens een reis in Mexico liep ik een ontsteking op die zo heftig was dat ik in een aanval van doodsangst terecht kwam. Ondragelijk intens, het hield maar niet op. Ik moest onder ogen komen hoe slecht ik eraan toe was en begon te beseffen dat ik verslaafd geraakt was aan negativiteit. Het was de filter waardoor ik het leven bezag, alleen in mijn negatieve wereldbeeld voelde ik me veilig. Niet lang daarna kwam ik in Thailand oog in oog te staan met een enorm Boeddhabeeld. Mijn hart werd geraakt, voor de eerste keer in mijn leven. Dat was voor mij een kantelpunt, ik ging me verdiepen in het Boeddhisme. Mijn gedachten over hoe de wereld in elkaar steekt werden niet anders, mijn manier om daarop te reageren wel. Dus niet tegen haat, maar voor liefde. Niet tegen uitsluiting, maar voor inclusiviteit. Niet tegen ongelijkheid maar voor gelijkheid. Het was alsof de woestijn water kreeg.

 

Dienend ondernemen betekent dat je je hele bedrijf in dienst zet van iets wat ver voorbij de winstdoelstellingen gaat.

 

Ik werd een toegewijde boeddhist, maar wel in de avonduren. Overdag werkte ik in de reclamewereld. Een omgeving waar ik niets te zoeken dacht te hebben. Maar het werk bleek me erg te liggen: ik begon te geloven dat commercie mijn missie op aarde was. Ik hielp bedrijven de grootst mogelijke troep te verkopen aan consumenten en om hun marktaandeel te vergroten door allerlei immorele activiteiten. Heel lang dacht ik dat boeddhisme en commercie samen konden gaan. Totdat ik volledig mezelf volledig om zeep hielp. Tijdens een presentatie voor een heel belangrijke klant, schoot ik in een totale faalangst aanval. Ik was aan het hyperventileren en werd afgevoerd. Ik heb mijn spullen gepakt en op staande voet ontslag genomen. Ik wist dat ik vanaf dat moment nooit meer mijn persoonlijke betrokkenheid zou kunnen scheiden van mijn professionele leven. Vanaf dat moment wilde ik mijn kennis, mijn kunde en vooral mijn hele zijn, alleen nog maar inzetten voor dat waar ik in geloof: Dat bedrijven ook kunnen bijdragen aan een betere wereld en niet alleen aan een slechtere wereld.

 

Betekenisvol ondernemen is volgens mij dienend ondernemen, dat is iets volstrekt anders als duurzaam of maatschappelijk verantwoordelijk ondernemen. Dienend ondernemen betekent dat je je hele bedrijf in dienst zet van iets wat ver voorbij de winstdoelstellingen gaat. Dat is niet de gangbare betekenis van purpose, een woord waar je nu mee wordt doodgegooid. Alles wat potentie heeft, alles wat ruikt naar een kans, wordt door het bedrijfsleven omarmd, leeg getrokken en weer uitgekotst. Dat gebeurt nu met de term purpose. Het wordt zo weer een middel om meer winst te maken, om mensen te laten denken dat ze bijdragen aan een hoger doel, om ze nog harder te laten rennen. Als ik iets heb geleerd van het boeddhisme is het dat doelen niet in de verte liggen, net als geluk overigens, als iets waar je nog naar moet streven. Dan weet je zeker dat je het nooit bereikt. Geluk is iets wat alleen in het heden te ervaren is. Voor mij is purpose geen hoger doel, maar een hoger doen. Op het moment dat jij je altruïstisch gedraagt, dus niet steeds uit eigenbelang handelt maar ook een algemener belang dient, dan ervaar je een diep gevoel van vervulling en verbinding. Veel mensen denken dat ze purpose ervaren, maar als je doorvraagt blijkt het niets anders te zijn dan passie. Prachtig, maar het is geen purpose. Je kan van een passie helemaal in vuur en vlam staan, maar toch merken dat het alleen om jezelf gaat. Purpose ontstaat juist als je het niet meer over jezelf hebt, als je in de leegte stapt. Als je echt wilt zien wat een ander nodig heeft. Dat is purpose.

 

 

Dat vraagt wel iets van je binnenwereld. Je moet door alle oppervlakkigheden en onwetendheden in jezelf heen kluwen om tot wijsheid te komen. Zien hoe de dingen zijn, in plaats van hoe je denkt dat ze zijn. Dan kom je vanzelf tot de conclusie dat verbinding geen keuze is, maar een feit. Lange tijd heb ik gedacht dat verantwoordelijkheid voelen voor de wereld een deugd is, maar ik zie nu dat het gewoon een feit is. Op het moment dat je je bewust bent, ben je aansprakelijk geworden. Als je dat moment hebt gekend kun je niet meer terug.

 

Purpose gaat niet over zelfrealisatie. Je laat jezelf los. Tegelijkertijd blijven we mensen, met onze beschermingsmechanismes en strategieën, die ons vaak laten geloven dat het wel over onszelf gaat. Als je een ander dient om er een goed gevoel over te krijgen, dan dien je niet echt. Als ik nu aardig doe met een strategie, dan gebeurt er helemaal niets. Goed doen voor de wereld omdat je er zelf ook woont, dat is een soort verlicht eigenbelang. Dat is geen purpose. Ik heb zelf een klotejeugd gehad, dus heb me extreem goed moeten inrichten tegen prikkels van buitenaf. Als je alleen maar bezig bent met je eigen pijn en de bescherming daarvan, wat ik zelf lange tijd heb gedaan, dan heb je geen oog voor het grotere geheel. Dan heb je alleen maar het gevoel dat je tekortkomt. Je hoeft niet te streven naar een goddelijke staat, als je je eigen imperfecties maar doorziet en daar tegelijkertijd de kracht en kwaliteit van gaat zien. Dit individuele proces moet eerst gedaan worden om te kunnen komen tot purpose. In de persoonlijke sfeer is dat proces inmiddels redelijk geaccepteerd. Maar in de business denken ze: ‘Doe normaal. Het gaat over efficiëntie, winst. Liefde? Verbondenheid? Flikker op.’

 

Als je alleen maar bezig bent met je eigen pijn en de bescherming daarvan, wat ik zelf lange tijd heb gedaan, dan heb je geen oog voor het grotere geheel. Dan heb je alleen maar het gevoel dat je tekortkomt.

 

We hebben steeds meer geld, maar niet meer geluk. Dan gaat er iets niet goed. Veel mensen denken dat we gewoon door blijven gaan met het kapitalisme, alleen circulair en iets socialer. Ik denk dat we aan de vooravond van een macro-economische systeemverandering staan. We hebben de aarde, de maatschappij en de markt van elkaar losgekoppeld, dat is de basis van ons lijden. De markt is dominant – we bekijken alles eerst monetair – dan kijken we naar ons leven en als laatst kijken we naar de aarde. Ik denk dat er een realistische vervanger is van het kapitalisme en het communisme: het commonisme. In het commonisme is de aarde de essentie, binnen die biosfeer is er een maatschappij, en binnen de maatschappij is een economie. De economie is dan dienend aan een gelukkig leven op een gezonde aarde. Bedrijven krijgen in het commonisme een andere focus. De belangrijkste winst die gemaakt kan worden is maatschappelijk. Als een bedrijf monetaire winst maakt maar schade berokkent aan de planeet of samenleving, dan maakt het eigenlijk verlies. Vanuit wijsheid bekeken is de verrijking van een kleine groep aandeelhouders ten koste van een grote groep stakeholders, te zien als verlies. Als jij gelooft dat jouw bestaan bestaat bij de gratie van geld, bezit, succes, dan kun je niet denken in het belang van anderen.

 

Als mensheid leren we hetzelfde als mens. Door schade en schande worden we wijzer. Ik ben gegroeid door mijn crises. Ik denk dat het ook collectief zo gaat. Elke crisis is in feite niets meer dan een teken dat iets niet meer werkt, een groeimoment. Als je een crisis goed doorleeft dan groei je ervan en kom je er beter uit dan ooit. Ik zie het lijden als een vriend, het heeft je altijd iets te vertellen. Als we dat zouden zien, dan zouden we zien dat de aarde lijdt en daarnaar luisteren. Zolang we dat niet doen blijft ze aan de deur kloppen, totdat we onze ogen openen. Dus om de mensheid te veranderen, moeten we onszelf veranderen. Het is geen luxe om aan jezelf te werken, het is de essentie. Eerst moeten we innerlijk duurzaam zijn, voor we het daarbuiten iets denken te veranderen. De basis hebben we allemaal gemeenschappelijk, maar verliezen we soms uit het oog. Dat we er zijn, samen op deze aarde, dat we verbonden zijn. Als je dat niet ervaart, dan heb je continu de behoefte dat gat te vullen, met bezit, met ervaringen. Daarom is het werk wat jullie bij Your Lab doen zo belangrijk.

 

We hebben de aarde, de maatschappij en de markt van elkaar losgekoppeld, dat is de basis van ons lijden.

 

De grote valkuil voor sociale ondernemers is de wereld willen veranderen, voordat je het gat in jezelf hebt onderzocht. Dan probeer je je verleden te helen, door jezelf kapot te werken voor een ander. Ik heb het geprobeerd, dat lukt niet. Je zult eerst naar je eigen natuur moeten kijken en daarover verwonderd raken, voordat je naar de natuur daarbuiten kijkt. Als we denken dat we de wereld gaan redden, hebben we het verkeerd. Als ik mezelf namelijk opleg dat ik de wereld red, zit ik eigenlijk verstrikt in mijn eigen ego. De wereld valt niet door mij te redden. We kunnen er alleen in gewaar zijn vanuit verbondenheid. Alles wat betekenisvol is is in zekere zin tegelijkertijd betekenisloos. Als je niet tot dat besef komt, loop je leeg. Mijn favoriete quote komt van Bernie Glassman: ‘Ik heb me mijn hele leven ingezet om het lijden van anderen te verminderen. Maar ik heb nooit de illusie gehad dat wolven schapen niet zullen aanvallen of dat onkruid bloemen niet overwoekert.’ Kom in beweging vanuit algehele verbondenheid maar niet om het idee dat jij de wereld verandert. Als je die ‘zinloosheid’ omarmt ontstaat purpose.’

Deel dit artikel: