Vrijheid is een thema van alle tijden. Hoe kunnen we ons vrij voelen om onszelf te kunnen verwezenlijken? In onze samenleving bestaat het idee dat de individuele vrijheid het best tot ontplooiing komt door regels en begrenzingen op te heffen. We mogen zelf regie nemen op zo'n beetje alle terreinen van ons leven, als burger, als werknemer en als consument. Maar die vorm van vrijheid kan zomaar omslaan in angst en eenzaamheid omdat er niets en niemand meer is waarop we ons verlangen naar vrijheid scherp kunnen stellen. Wat als nu juist in de begrenzing vrijheid ligt. Omdat een grens ons uitnodigt in dialoog te gaan, met onszelf, anderen en de wereld om ons heen. Die vorm van vrijheid heeft echter geen plek in onze samenleving, die vrijheid ligt verscholen in een dialogisch proces.

Schermafbeelding 2017-12-18 om 13.01.34 copy

George Perec is een Franse, en bovenal vreemde schrijver. Hij hield ervan zichzelf beperkingen op te leggen en daarmee zijn creativiteit uit te dagen. Hij schreef bijvoorbeeld een boek zonder de letter ‘e’ (vertaald als ’t Manco). Hoe haal je dat in je hoofd: dat is immers de meest voorkomende letter in het Frans. Een ander werk van hem is een zin die bestaat uit 5000 letters en die je net zo goed van achteren naar voren kan lezen. Waarom zou je jezelf beperkingen opleggen als je alle vrijheid hebt te schrijven wat je wilt ?

 

Ik dacht altijd dat creativiteit tot bloei zou kunnen komen als zoveel mogelijk beperkingen worden weggenomen. Dat was niet alleen mijn idee, maar is het algeheel geldende idee van de liberale samenleving, met het individualisme als hoogste goed. Oneindige keuzemogelijkheden, het creëren van een overvloed aan kansen, een lofzang op de keuzeblijheid om zo tot ultieme vrijheid te kunnen komen. Maar werkt dat wel zo?

 

Door: André Platteel

 

De vrijheid die angst wordt

Als consumenten hebben we alle keuzevrijheid: geen enkele beperking snijdt ons consumentenverlangen de pas af. En als werknemers kunnen we in organisaties worden we geacht regie te nemen, mogen ze zelf bepalen hoe en wanneer te werken, en kunnen ze zelf hun doelstellingen en targets bepalen. Het verdwijnen van regels en begrenzingen vertaalt zich daar ook in de fysieke ruimte: geen vaste werkplekken, geen afgesloten ruimten – een soort woonkamer of markplein waarin je je weg mag vinden. Het voelt allemaal heel relaxt. Wat een vrijheid! Dat zou de creativiteit en het ondernemerschap toch ten goede moeten komen? Toch blijkt er in al die vrijheid ook iets anders mee te komen, zo blijkt uit de trajecten die we met Your Lab op dit gebied voor bedrijven hebben begeleid. Er is bij velen angst voor volledig vrijheid. Want daar sta je dan in een uitgestrekte vlakte van grenzeloze mogelijkheden. Nergens iets om je aan vast te houden of om je aan te scherpen. Zo’n vrijheid kan zomaar omslaan in een beklemmend gevoel van oneindigheid en leegte. De angst die daaruit voortkomt verwelkt de daadkracht en creativiteit als sneeuwbloemen in de zon.

 

Vrijheid op zichzelf is niet voldoende. Er is nog iets heel anders nodig om die vrijheid werkelijk te kunnen ervaren. Om keuzes te kunnen maken moet je weten wat je wilt, zodat je daar vervolgens naar kunt handelen. Als vrijheid tot angst leidt, vernauwt ons lijf en kunnen we niet oppikken wat van belang is. En in die vernauwing slaat elke handeling ook nog eens dood. We brengen helemaal niets meer voort.

 

Er is nog een ander aspect aan het volledig vrij zijn dat beklemmend kan zijn. Het idee kan ontstaan dat je alles kunt en mag doen wat je wilt, alles mag zeggen wat je wilt. Dat je mensen of hele bevolkingsgroepen (ja, waarom niet) mag beschimpen of vernederen om je vervolgens te beroepen op de vrijheid van meningsuiting. ‘Wat nou! Dat is mijn mening. Daar heb ik toch zeker recht op!’ We worden centrum van de wereld en bekommeren ons niet meer om de verbinding en de dialoog met anderen. En zo wordt het almaar eenzamer in de woestijn van volledige vrijheid.

 

De filosoof Isaiah Berlin schreef een iconisch essay over vrijheid. Hij benoemt twee vormen. Die waarin er geen enkele dwang is, de liberale vrijheid. Hij noemde dat overigens de negatieve vrijheid. En een vorm van vrijheid waarin je je eigen autonomie moet ontwikkelen om aan dwang en regels te ontsnappen, de positieve vrijheid. Berlin lijkt een voorkeur te hebben voor de negatieve vrijheid omdat hij angstig is dat de positieve vrijheid misbruikt kan worden: iemand kan zeggen dat hij zich ontwikkelt heeft en juist daardoor een despoot worden. Als je Berlin’s essay plaatst in de tijd, kan ik me zijn zorg goed voorstellen.

 

 

 

 

De valkuil van zelfverwezenlijking

Maar er moet in deze tijd toch een vorm van vrijheid zijn waarin we ons wel tot een autonoom vrij individu kunnen ontwikkelen en niet in de val van misbruik stappen. Dat is volgens mij toch via de weg van zelfverwezenlijking. Alhoewel je in een lelijke valkuil kan stappen, zoals ik zelf heb gemerkt – een andere valkuil dan die waarvoor Berlin waarschuwt.

 

Als je jezelf van binnenuit wil bevrijden kan de idee ontstaan dat je dat alleen kunt doen als je alle externe begrenzingen en afhankelijkheid doorsnijdt. Ik deed precies dat en trok mezelf terug. Autonoom zijn, dacht ik dat die zijnsstaat zou heetten. Pas dan zou ik in contact kunnen komen met mijn eigen verlangens, me vrij kunnen voelen en zou de creativiteit als ongebonden kracht naar buiten kunnen kolken. En zo was het inderdaad: ongebonden creativiteit. Daardoor totaal futloos omdat elke relatie met de wereld was doorgeknipt en verdwenen. Het eindresultaat van die (zoals ik er nu naar kijk) egotrip: de zelfverwezenlijking van de eenzaamheid. Het idee van bevrijding om het leven vol in te kunnen stappen sloeg compleet dood.

 

Ik kan de aanpak van Perec heel goed begrijpen. Grenzen kunnen de creativiteit en vrijheid juist uitnodigen Dat betekent niet dat je je door anderen, of door regels en begrenzingen laat beknotten. Nee, ze zijn eerder zoals Perec een inspiratie om je er creatief uit te ontplooien. Je integreert als het ware de begrenzing (je legt ze in jezelf in) om ze van binnenuit middels creatie te transformeren. Zodat je kunt groeien. Jezelf kunt verrassen met nieuwe inzichten. En de interessevelden die je hebt kunt aanscherpen en verdiepen.

 

 

Autonomie betekent niet dat je geschieden bent van de ander. Autonomie betekent dat je door dialoog zicht krijgt op je verlangens en op je eigen begrenzingen. En dat je door creatief te handelen, jezelf en anderen verder bevrijd. Autonomie is een dialoog – net zoals vrijheid dat is.

 

 

Vrijheid bestaat niet op zichzelf

Vrijheid is geen status quo die je als een Indiana Jones met een landkaart als aanwijzing op een (exotische) plek zou kunnen vinden. Vrijheid is creatief handelen in dialoog met je omgeving zodat je met elkaar de begrenzingen kunt oprekken en tot groei en ontwikkeling kan komen. Dat proces is zelfverwezenlijking. Hier ligt nog een andere valkuil van zelfverwezenlijking verscholen. In het proces van jezelf vrij maken wordt vaak het woord bewustzijn gebruikt, wat ik opzicht al een lastig woord vind. Dat begrip wordt veelal uitgelegd als je bewust worden van anderen en de wereld om je heen. Dat de wereld zich als het ware in jouw bewustzijn ontvouwt. Dat de wereld in jouw zit en jij dus alles bent. Maar dat is naar mijn gevoel maar de helft van de waarheid: want die opvatting kan tot een ‘lethargische’ houding leiden. Dat alles er toch al is en niets meer hoeft. Dat je observant wordt van een wereld die zich passief in jouw voltrekt, zonder zelf te creëren, zonder te handelen. Daar wordt vrijheid mogelijk gevangenis. En zelfverwezenlijking mogelijk zelfverheerlijking. Sta je wederom alleen, ondanks dat je zogenaamd alles bent – nu ook nog eens groot en opgeblazen ook.

 

Wat in ons bewustzijn wordt waargenomen, mag naar mijn gevoel in een creatieve vertaling terugkeren naar de wereld. Dan brengen we iets in beweging. Dan wordt de wereld tastbaar en gevoelig. Dan raken we anderen en onszelf ‘aan’. Dan worden we menselijk en creatief. Dan geven we met elkaar vrijheid werkelijk vorm. Het ‘zelf’ dat zich daaruit ontwikkelt, is niet geschieden van de ander, maar voortdurend in dialoog met de wereld om hem heen. Autonomie betekent in dit proces dat je door dialoog zicht krijgt op je angsten, verlangens en op je eigen begrenzingen. En dat je door creatief te handelen, jezelf en anderen verder bevrijd. Autonomie is een dialoog – net zoals vrijheid dat is.

 

Dat proces is niet eenvoudig. Het vraagt van ons in eerste instantie dat we bereid zijn om in dialoog te gaan, en juist ook met diegenen die ons een gevoel van begrenzing geven. Dat is al een klus op zich, want dat betekent dat we onszelf zichtbaar moeten maken, dat we kwetsbaar durven zijn. Dat lukt niet vanachter de computer – we zullen daarvoor onszelf letterlijk zichtbaar moeten maken, in de publieke ruimte. We moeten de wereld weer in. Niet vanuit een idee, maar vanuit een open onderzoek. Durf dat maar, de dialoog aangaan met andersdenkenden. Voordat je weet krijg je bakken ellende over je uitgestort onder het motto van vrijheid van meningsuiting. Ik denk bijvoorbeeld aan het voorval in Steenbergen waarin een vrouw tijdens een openbare discussie opkomt voor asielzoekers en vervolgens overschreeuwd wordt met ‘daar moet een pik in’.

 

In een dialoog zullen we bereid moeten zijn ons idee van vrijheid in te leveren voor een vrijheid die je niet kunt kaderen of vastleggen, maar die iedere keer opnieuw in dialoog gecreëerd zal worden. We moeten iets opgeven of er niets concreets voor in de plaats terug te krijgen. Kunnen we en willen we dat als we de afgelopen decennia zo hard zijn gegaan op individualisme – niet zelden als dekmantel voor egocentrisme en narcisme?

 

We zullen met een andere ‘gevoeligheid’ de dialoog aan moeten gaan. Meestal verwarren we een dialoog voor een discussie waarin we de ander aan onze overtuigingen gelijk willen maken. Daardoor sluiten we ongekend veel informatie uit die ons juist kan verrijken. Vrijheid zit niet in wat we weten, die kennis beperkt ons veelal in een dialoog. We zullen het weten moeten inruilen voor het leren kennen. Dat vind je niet in boeken maar is een dialogische, praktiserende wijsheid. En als laatste maar zeker niet de minste opdracht: Kunnen we accepteren dat vrijheid geen plek heeft in onze samenleving omdat er altijd een begrenzing ‘in de weg’ zal zitten? En kunnen we accepteren dat juist die paradox – die ons in een proces van voortdurende dialoog slingert – vrijheid is?

 

 

Deel dit artikel: